Buitenlandse Zaken wil contact met slachtoffers huwelijksdwang en achterlating

Het is weer zomervakantie! Tijd voor een gezellige vakantie met je gezin of familie. Een leuke periode, maar helaas niet voor iedereen. Ieder jaar weer worden Nederlandse meisjes en jongens door hun ouders achtergelaten in het buitenland of gedwongen te trouwen.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en voorzitter van de adviesraad veiligheid van het Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid.

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken staat slachtoffers van huwelijksdwang en achterlating bij en zet zich – samen met het Landelijk Knooppunt Huwelijksdwang en Achterlating (LKHA) – in voor een veilige terugkeer naar Nederland. Het ministerie is 24/7 bereikbaar voor de in het buitenland achtergelaten kinderen en tieners. Het is belangrijk dat slachtoffers van huwelijksdwang en achterlating weten hoe ze vanuit het buitenland hulp kunnen krijgen. Daarom is het ministerie van Buitenlandse Zaken een campagne gestart om het 24/7 BZ noodnummer bij jongeren onder de aandacht te brengen. Via dat nummer kunnen slachtoffers vanuit het buitenland met een telefoontje of een Whatsappbericht direct contact krijgen met de ambassade.

Hulp van de ambassade

Wanneer een slachtoffer zich meldt bij Buitenlandse Zaken volgt direct actie. Medewerkers op de ambassades hebben kennis van deze problematiek en houden contact met de vaak minderjarige slachtoffers, adviseren hen, en regelen zaken in contacten met de lokale autoriteiten en  hulporganisaties. In Den Haag werkt het ministerie samen met het LKHA aan de veilige terugkeer naar Nederland van deze slachtoffers. Het LKHA onderhoudt de nodige contacten in Nederland, bijvoorbeeld met de Raad voor de Kinderbescherming.

Tegen hun wil achtergelaten

Elk verhaal is anders. Het helpen van deze jongeren betekent dus dat het ministerie samen met het LKHA maatwerk moet leveren. Soms worden jongeren tegen hun wil achtergelaten in het buitenland, bijvoorbeeld bij familie die niet (goed) voor ze zorgt, mogen ze niet naar school of worden ze gedwongen te trouwen met iemand die ze niet kennen. Het komt ook voor dat kinderen of tieners worden achtergelaten op een hele strenge kostschool, of zelfs op straat worden achtergelaten.

Moeilijk om hulp te bieden

Vaak hebben slachtoffers van achterlating of huwelijksdwang naast de Nederlandse nationaliteit ook de nationaliteit van het land waar ze zijn achtergelaten. Dat maakt het soms moeilijk om ze te helpen, omdat de autoriteiten deze jongeren vaak als een eigen burger beschouwen. Bemoeienis van Nederland wordt dan in sommige gevallen gezien als ongewenst. Achterlating en gedwongen huwelijken komen veelal voor in landen waar de situatie niet stabiel is, zoals Pakistan, Irak, Somalië en Soedan. Het is niet altijd even makkelijk, maar het ministerie zet alles op alles om deze jongeren uit hun benarde situatie te krijgen. Het is heel belangrijk dat slachtoffers van achterlating of huwelijksdwang in het buitenland weten dat ze altijd een beroep kunnen doen op de Nederlandse ambassade in het land waar ze terecht zijn gekomen.


Minister Dekker brengt werkbezoek aan De Oostvaarderskliniek en het Pieter Baan Centrum

Minister Dekker voor Rechtsbescherming heeft een bezoek gebracht aan De Oostvaarderskliniek en het Pieter Baan Centrum in Almere.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en hoofddocent op de opleiding Integraal toezichthouder handhaving en de cursus Aanpak woonoverlast.

Forensisch psychiatrisch centrum

De Oostvaarderskliniek is een forensisch psychiatrisch centrum (FPC) waar vooral patiënten verblijven die door de rechter terbeschikkingstelling (tbs) met dwangverpleging opgelegd hebben gekregen. Het gaat hierbij vooral om mensen met psychiatrische- en vaak ook verslavingsproblemen, die (mede) door die problemen een ernstig delict hebben gepleegd. De tbs-behandeling is erop gericht de patiënt te behandelen, met het oog op terugkeer in de samenleving en de kans op herhaling zo klein mogelijk te maken. Hij of zij leert gefaseerd om te gaan met invloeden en omstandigheden die tot terugval in gevaarlijk gedrag kunnen leiden. De patiënten worden behandeld in een gesloten en beveiligd systeem volgens een persoonlijk programma.

Psychiatrische observatiekliniek

Het Pieter Baan Centrum (PBC) is de psychiatrische observatiekliniek van het ministerie van Justitie en Veiligheid. In het PBC worden mensen onderzocht die worden verdacht van of veroordeeld zijn voor een (ernstig) misdrijf. De onderzoeken vinden plaats in opdracht van een rechter, om te kunnen vaststellen dat een verdachte een psychische stoornis heeft. Het PBC heeft een onafhankelijke positie binnen het strafproces en houdt zich niet bezig met het bewijs of de strafmaat. Eén van de grote uitdagingen ligt in de groep verdachten die weigeren mee te werken aan het onderzoek. Voor deze doelgroep is een speciale afdeling ingericht in het PBC.

Werken in een TBS kliniek

In de Oostvaarderskliniek sprak de minister met onder meer medewerkers van de kliniek en het centrum, vertegenwoordigers van de omwonendencommissie en deskundigen over de actuele ontwikkelingen rondom verlof van tbs-ers en het contact met gemeente en omwonenden.
Tijdens de rondleiding in de Oostvaarderskliniek werd bij de werkplaats en winkel met medewerkers en begeleiders gesproken over de opleidingsmogelijkheden binnen de kliniek en de begeleiding naar werk buiten de kliniek. Vervolgens gaven medewerkers uit verschillende disciplines van de organisatie een toelichting op het werken in een tbs-kliniek met de dagelijkse dilemma’s en uitdagingen. Aansluitend volgde in de sportruimte een ontmoeting met een patiënt die binnen de kliniek een opleiding volgt tot sportinstructeur.

Werkwijze van multidisciplinaire teams

In het Pieter Baan Centrum bezocht de minister onder andere de afdeling waar verdachten verblijven die weigeren mee te werken aan een psychologisch onderzoek. Dankzij een andere benadering op deze speciale ‘weigerafdeling’ is het toch mogelijk om een rapportage te maken waar de rechter zich op kan baseren. Ook vond er een ontmoeting plaats met een zogeheten weigerende observandus. Tenslotte  werd er een toelichting gegeven op de werkwijze van de multidisciplinaire teams van het PBC.


Campagne tegen zomereenzaamheid

De zomer is voor veel ouderen een periode waarin gevoelens van eenzaamheid een grotere rol spelen. Om die reden start het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een zomercampagne tegen eenzaamheid. Doel van de campagne is tweeledig: vakantiegangers aansporen wat van zich te laten horen aan de thuisblijvers en ouderen stimuleren hun eenzaamheid te doorbreken, bijvoorbeeld door elkaar op te zoeken of samen wat te gaan doen.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en hoofddocent op de opleiding coördinator armoedebestrijding.

Zomereenzaamheid

Uit onderzoek van seniorenorganisatie KBO-PCOB is gebleken dat eenzaamheid voor ouderen een grotere rol speelt in de zomer dan in andere seizoenen. 15% van de ouderen voelt zich eenzamer in de zomer. Daarom grijpt het ministerie van VWS deze periode aan om extra aandacht te vragen voor het onderwerp. Zo is er een tv-spot waarin ouderen worden gemotiveerd hun eenzaamheid te doorbreken en worden vakantiegangers via social media en billboards bij de grensovergangen opgeroepen wat van zich te laten horen.

Actieprogramma Eén Tegen Eenzaamheid

De campagne maakt deel uit van het actieprogramma Eén Tegen Eenzaamheid dat minister De Jonge vorig jaar presenteerde. In dat actieprogramma wordt gezamenlijk gestart met een aanpak om de eenzaamheid onder ouderen een halt toe te roepen. Ongeveer de helft van het aantal ouderen voelt zich matig tot zeer eenzaam, blijkt uit onderzoek uit 2018. Het kabinet stelt tot en met 2021 daarvoor in totaal 26 miljoen euro beschikbaar. Onderdeel van de aanpak is een landelijke coalitie en 350 lokale coalities die de trend van eenzaamheid onder ouderen moet doorbreken langs twee actielijnen:

-          Eenzaamheid signaleren en bespreekbaar maken.

-          Het doorbreken en duurzaam aanpakken van eenzaamheid.

Daarvoor is een programmateam tegen eenzaamheid in het leven geroepen dat ondersteuning en advies biedt om de lokale coalities te vormen. Meer naar elkaar omkijken vraagt een kentering in heel de samenleving. Iedereen kan hierin van betekenis zijn.


Aanpak voor veiligere jaarwisseling

Het gevaarlijkste consumentenvuurwerk moet vanaf de jaarwisseling 2020-2021 verboden zijn. Het kabinet gaat in het najaar een voorstel doen om categorie F3-vuurwerk te verbieden. Dat zijn de zwaardere singleshots (enkelschotsbuizen) en grotere knalstrengen (ratelbanden, Chinese rollen). De komende jaarwisseling wordt de levering van veiligheidsbrillen en lonten verplicht bij de verkoop van consumentenvuurwerk om vuurwerkletsel zo veel mogelijk te voorkomen. En nog dit jaar wordt het Vuurwerkbesluit aangepast zodat gemeenten voor aankomende jaarwisseling een vuurwerkverbod binnen hun grenzen kunnen afkondigen. Verder blijven politie en OM stevig inzetten op het in beslag nemen van illegaal vuurwerk, en wordt er gewerkt aan het verhalen van deze kosten op de daders. Deze nieuwe maatregelen moeten bovenop de bestaande aanpak bijdragen aan een meer veilige en feestelijke jaarwisseling voor iedereen. Dat heeft de ministerraad besloten op voorstel van minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid en staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en hoofddocent op de opleiding Integraal toezichthouder handhaving en de cursus Aanpak woonoverlast.

Traditie jaarwisseling behouden, gevaarlijkste vuurwerk verbieden

Het kabinet wil de traditie van de jaarwisseling zoveel mogelijk behouden.  Daarom blijft het minder gevaarlijke vuurwerk beschikbaar voor consumenten. Dit is het zogenaamde F1- en F2-vuurwerk, zoals siervuurwerk, knalvuurwerk en vuurpijlen. Het kabinet blijft de jaarwisseling monitoren. Als het aantal en de aard van de incidenten tijdens de komende jaarwisseling(en) niet past in de dalende trend in de afgelopen jaren van het aantal incidenten, de aard van de incidenten en het aantal geweldsdelicten tegen hulpverleners, worden diverse aanvullende maatregelen niet uitgesloten. De laatste jaarwisseling was een uitzondering op die dalende trend.

Gemeenten ervaren jaarwisseling wisselend: lokaal vuurwerkverbod wettelijk verankerd

Gemeenten hebben een wisselend beeld bij de jaarwisseling. De G4 gemeenten geven aan dat ze geen daling zien in de hoeveelheid meldingen, incidenten en schade. De G40 steden zijn positiever, zeggen dat de genomen maatregelen hun vruchten afwerpen en noemen de jaarwisseling ’rustig’ en een ‘feest’.  Mede hierom is het belangrijk dat gemeenten zelf kunnen bepalen of zij een lokaal vuurwerkverbod willen instellen, wanneer zij oordelen dat dit nodig is om gevaar, schade of overlast te voorkomen. Het lokaal vuurwerkverbod wordt daarom wettelijk verankerd in het Vuurwerkbesluit. Hierdoor ontstaat minder twijfel over de mogelijkheid die gemeenten hebben om hun hele gemeente als vuurwerkvrije zone aan te wijzen.

Normloosheid en raddraaiers aanpakken

Overlast, letsel en geweld tijdens de jaarwisseling wordt veroorzaakt door vuurwerk, maar ook door alcohol en groepsgedrag waarbij een zekere mate van normloosheid lijkt te bestaan. Tijdens gesprekken met brandweerlieden, ambulancepersoneel, politiemensen en boa’s hoorde minister Grapperhaus wat zij voor afschuwelijke en onacceptabele incidenten meemaken. Hulpverleners pleiten al langer voor een (gedeeltelijk) vuurwerkverbod en hebben dat uitdrukkelijk herhaald tijdens de bijeenkomsten en in de media. In aanvulling op al genomen maatregelen om geweld tegen functionarissen met een publieke taak aan te pakken, heeft Grapperhaus ook recentelijk aangekondigd te werken aan een taakstrafverbod bij geweld tegen functionarissen met een publieke taak. Het wetsvoorstel waarin het hinderen van hulpverleners strafbaar wordt gesteld, ligt inmiddels in de Eerste Kamer.

Gebiedsverbod en meldplicht

Het OM gaat verder de mogelijkheid raddraaiers een gebiedsverbod – al of niet in combinatie met een meldplicht – op te leggen nadrukkelijk onder de aandacht brengen, zodat zij de komende jaarwisseling niet opnieuw kunnen verstoren. En ook de komende jaarwisseling zal de politie gebruik maken van bodycams; agenten die bodycams dragen krijgen minder vaak te maken met bedreigingen en lichamelijke agressie.

Blijven inzetten op aanpak illegaal vuurwerk

De afgelopen jaarwisseling vielen twee doden door illegaal vuurwerk. In de afgelopen jaren heeft de politie met haar partners steeds meer ingezet op het terugdringen van illegaal vuurwerk, met een recordhoeveelheid van 56.000 kilo in beslag genomen illegaal vuurwerk in 2018 tot gevolg. Politie en OM zullen hier ook dit jaar weer stevig op inzetten. Daarnaast is recentelijk een wetsvoorstel in consultatie gebracht waardoor onder meer de kosten voor inbeslagneming van illegaal vuurwerk straks verhaald kunnen worden op de dader.


Tijdige informatieuitwisseling helpt bij preventie en vroegsignalering van schulden

Door het tijdig signaleren van schulden kunnen gemeenten mensen met beginnende schulden hulp aanbieden voordat zij zelf aan de bel trekken. Steeds meer gemeenten werken daarom samen met woningcorporaties, zorgverzekeraars en energie- en drinkwaterbedrijven. De wetswijziging gemeentelijke schuldhulpverlening geeft gemeenten expliciet toestemming om bijvoorbeeld vroegtijdig informatie over huurachterstanden te ontvangen van woningcorporaties. Gemeenten kunnen mensen met huurachterstanden daardoor beter en sneller vinden en vervolgens helpen. De ministerraad heeft op voorstel van staatssecretaris Van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ingestemd met deze wijziging van de Wet gemeenten schuldhulpverlening.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en hoofddocent op de opleiding coördinator armoedebestrijding.

Mensen met schulden zijn nu vaak veel tijd kwijt met het op orde brengen van de administratie. Na de wetswijziging mogen hulpverleners zelf gegevens verzamelen en registers raadplegen. Het gaat bijvoorbeeld om informatie over inkomen en vermogen. Uitwisseling van persoonsgegevens gebeurt altijd doelgericht en zorgvuldig, met inachtneming van de privacyregels. Gemeenten moeten daarom bij de start van een schuldhulpverleningstraject een beschikking afgeven met daarbij een plan van aanpak. Iemand met schulden weet daardoor waar hij aan toe is. Ook is dan helder welke gegevens de gemeente gebruikt. Veel gemeenten werken al op deze wijze.


Versterking strafrechtelijke aanpak ondermijning

Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) wil de ondermijnende criminaliteit op verschillende manieren hard en effectief aanpakken. Daarom krijgen politie en Openbaar Ministerie meer mogelijkheden om het bedrijfsproces van criminelen te verstoren en onderzoek te doen naar veroordeelde criminelen die hoge boetes niet betalen. Ook wil de minister de kosten voor het vernietigen van inbeslaggenomen drugs op daders verhalen. Dit zijn enkele in het oog lopende elementen van een conceptwetsvoorstel dat recent in consultatie is gegaan en onderdeel is van de wetgevingsagenda ondermijning.

Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en spreker op het congres Ondermijning & Georganiseerde Criminaliteit.

Grapperhaus wil bepaalde chemicaliën – zogeheten precursoren – die als grondstof dienen voor harddrugs, kunnen verbieden. Daarom wordt het bezit en transport evenals de in- en uitvoer van deze stoffen strafbaar. Er komt een maximumstraf van zes jaar op te staan. Het gaat om grondstoffen die op een nationale lijst komen te staan en waarvan geen andere bestemming bekend is dan de illegale productie van synthetische drugs. Vooral criminelen die precursoren vervoeren kunnen straks gemakkelijker worden aangepakt. Nu moet nog worden bewezen dat zij wisten dat het ging om grondstoffen voor harddrugs. Straks is alleen al het bezit strafbaar, daarmee kan het productieproces eerder worden verstoord.

Bedreiging

De maximumstraf voor het bedreigen van personen gaat omhoog van twee naar drie jaar gevangenisstraf. De praktijk laat zien dat bedreigingen op verschillende manieren steeds heftiger worden. De afgelopen jaren zijn verschillende burgemeesters bedreigd door criminelen. De overheid neemt dergelijk gedrag zeer hoog op en treedt daar hard tegen op. Daarom wordt de maximumstraf voor de bedreiging van burgemeesters, wethouders, gedeputeerden en andere bestuurders extra verhoogd, naar maximaal vier jaar gevangenisstraf.

Containerterminals

Havens en vliegvelden hebben een grote aantrekkingskracht op georganiseerde, ondermijnende criminaliteit. Criminelen dringen op allerlei manieren de beveiligde terreinen binnen waar containers worden uit- en overgeladen, op zoek naar illegale goederen als drugs, die in de containers zijn verstopt. Hun activiteiten vormen een belangrijke schakel in de criminele netwerken die illegale drugstransporten uitvoeren en ondermijnen de controle op de invoer van goederen in het douanegebied. Dit is vaak lastig te bewijzen omdat zij uit voorzorg bewijsmateriaal wegwerken, zo worden mobiele telefoons voor aanhouding weggegooid. Daarom wil Grapperhaus steviger kunnen optreden en illegaal verblijf op die terreinen apart strafbaar stellen. Er komt een gevangenisstraf van een jaar op te staan. Als er sprake is van binnendringen, bijvoorbeeld als een crimineel een valse pas gebruikt of zich verstopt in een bedrijfswagen om het terrein op te komen, gaat de maximumstraf omhoog naar twee jaar.

Voorlopige hechtenis

Om onderzoek te kunnen doen naar de achtergrond van deze verdachten en hun relatie met (internationale) criminele netwerken in kaart te kunnen brengen, wordt voorlopige hechtenis mogelijk. Politie en Openbaar Ministerie kunnen dan ook meer bewijsmateriaal verzamelen om verdachten in verband te brengen met georganiseerde criminaliteit.

Kosten van vernietiging van inbeslaggenomen illegale goederen

Daarnaast wil de minister de kosten die de Staat maakt voor de vernietiging van onder andere inbeslaggenomen drugs en illegaal vuurwerk op de daders kunnen verhalen. Nu is dat nog niet mogelijk. De vernietiging van de ruim 40.000 kilogram aan illegaal vuurwerk die in 2017 in beslag werd genomen, kostte alleen het Openbaar Ministerie in dat jaar al ruim 2 miljoen euro. Met het opruimen van hennepkwekerijen was in 2018 5,8 miljoen euro gemoeid.

Financieel onderzoek

Verder wordt het mogelijk om in meer gevallen onderzoek te doen naar het vermogen van veroordeelde criminelen. De praktijk laat zien dat zij flinke geldboetes en schadevergoedingsmaatregelen die bij een veroordeling worden opgelegd niet altijd betalen, terwijl er soms wél aanwijzingen zijn dat zij over geld beschikken. Nu zijn er nog te weinig mogelijkheden om in die gevallen een duidelijker beeld te krijgen van het vermogen van de crimineel zodat beslag kan worden gelegd. Met de maatregel van Grapperhaus kan dat straks wel, waardoor het mogelijk wordt de opgelegde sancties makkelijker uit te voeren en criminelen niet zomaar onder hun geldstraf uit kunnen komen.