Eenzaamheid in coronatijd
Een kopje koffie bij de buurman, een spontane ontmoeting in de supermarkt en gesprekjes met leden van de kaartclub. Zulke contacten blijken belangrijker om eenzaamheid tegen te gaan dan gedacht. Nieuw onderzoek van de Tilburg University gaat in op het belang van contact met kennissen en mensen die iets verder van je af staan – en het is juist dat contact dat veel mensen in coronatijd missen. De VWS-campagne ‘Een klein gebaar kan het verschil maken’ is in aanloop naar de Week tegen Eenzaamheid van 1 tot en met 8 oktober gestart. De campagne roept op om contact te maken en aandacht te hebben voor elkaar – voor mensen die dichtbij staan én wat verder weg.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, probeert iedereen zich zo goed mogelijk aan de RIVM-regels te houden, waaronder de 1,5 meter afstand en ‘geen bezoek, tenzij’. Dit heeft er voor gezorgd dat Nederlanders zich eenzamer voelen dan voor de crisis. In coronatijd is de groep eenzame ouderen verdubbeld, heeft SCP (8 september 2020) berekend.
Uit nieuw onderzoek van de Tilburg University blijkt dat het contact met mensen die iets verder van je af staan zoals kennissen en buren, belangrijker is dan tot nu toe gedacht in het verminderen van het gevoel van eenzaamheid. En dit contact blijkt tijdens de crisis te zijn afgenomen. “Mensen missen het praatje over het weer meer dan we dachten. Het lijkt daarnaast dus van belang om juist ook contact te zoeken met mensen die wat verder weg staan,” zegt Gerine Lodder, één van de onderzoekers en gedragswetenschapper aan de Tilburg University. “Verder was een interessante bevinding dat een afname van de kwaliteit van sociaal contact verband hield met een toename van eenzaamheid. Het lijkt dus de moeite om elke dosis te laten tellen.” Het onderzoeksteam heeft onderzocht welke concrete acties helpen om eenzaamheid tegen te gaan. Dit onderzoek is gefinancierd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Sociale contacten veranderd
Door de coronamaatregelen zijn onze sociale contacten veranderd. Iedereen gaat hier op zijn eigen manier mee om, laat het onderzoek zien. Sommigen gaan videobellen, chatten meer, of sturen vaker een kaartje. Anderen bieden hulp aan een ander aan, gaan koken, tuinieren, sporten, bidden of mediteren. En hoe meer activiteiten mensen ondernemen, hoe minder eenzaam zij zich voelen. Lodder: “Tot slot blijkt, dat wat werkt voor de één, niet per se werkt voor een ander. Mijn advies is daarom: experimenteer en kijk wat voor jullie werkt. Vraag bijvoorbeeld eens aan je oma of ze het leuk vindt als je bij haar een taart komt bakken of bel bij je buurman aan om samen met hem een rondje met de hond te wandelen.” Op de campagnepagina www.eentegeneenzaamheid.nl staan meer voorbeelden en inspiratie over wat mensen kunnen doen om met een klein gebaar het verschil te maken voor een ander.
Een klein gebaar kan het verschil maken
Met de publiekscampagne van het ministerie van VWS, die onderdeel is van het actieprogramma Eén tegen eenzaamheid, wil het kabinet laten zien dat een klein gebaar voor een ander het verschil kan maken. Minister Hugo de Jonge: “Juist in coronatijd is het belangrijk om naar elkaar om te blijven kijken. Zeker als het gaat om de ouderen in onze samenleving. Vraag je alleenstaande buurvrouw of je een boodschap voor haar kunt meenemen of bel je opa iets vaker om te vragen hoe zijn dag is geweest. Wat voor jou een kleine moeite is, kan voor een ander ontzettend veel betekenen. Blijf met elkaar in contact. Ook op 1,5 meter.”
Week tegen Eenzaamheid
Van 1 tot en met 8 oktober is het Week tegen Eenzaamheid. Door het hele land is er dan extra aandacht voor het thema eenzaamheid en vinden er tal van activiteiten plaats met als hoofdboodschap: ‘Kom erbij!’. Iedereen kan deelnemen aan de Week tegen Eenzaamheid door het bezoeken of organiseren van een activiteit. Sinds de start van het actieprogramma Eén tegen eenzaamheid doen 185 gemeenten en meer dan 130 landelijke bedrijven en maatschappelijke organisaties mee. Zij hebben zich gecommitteerd om actief én gezamenlijk de trend van eenzaamheid te doorbreken.
Extra geld voor versterken gemeentelijke aanpak schulden en armoede
Het kabinet heeft met gemeenten en andere partijen afspraken gemaakt om de aanpak van schulden en armoede te versterken. Door de coronacrisis krijgen naar verwachting meer mensen te maken met ernstige financiële problemen. Het kabinet stelt 146 miljoen euro beschikbaar om onder meer de gemeentelijke schuldhulpverlening toe te rusten voor een grotere toestroom van hulpvragen. Ook komt er extra inzet op het signaleren van armoede in gezinnen. Met de afspraken wil het kabinet bewerkstelligen dat mensen snel aan de bel trekken bij geldzorgen, weten waar zij welke hulp kunnen krijgen en zo problematische schulden voorkomen.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Kwetsbare groepen
Vooral kwetsbare groepen worden door de coronacrisis hard geraakt op het terrein van werk, inkomen en participatie. Dat geldt in het bijzonder voor jongeren, flexwerkers, ondernemers met weinig financiële reserves en kinderen in gezinnen die leven rond de armoedegrens. Het kabinet vindt het belangrijk om hen snel te bereiken en te ondersteunen en zet daar samen met gemeenten op in.
Acute financiële problemen
Staatssecretaris Bas van ’t Wout (SZW): ‘Veel mensen zijn de afgelopen tijd acuut in de financiële problemen geraakt door de coronacrisis. Denk aan de ondernemer zonder opdrachten of de jongere die zijn baan kwijt is geraakt en zijn vaste lasten niet kan betalen. Voor veel anderen dreigt deze situatie. Het is van groot belang dat gemeenten voldoende armslag hebben om mensen met financiële zorgen goed te helpen. Ook is het belangrijk dat mensen zich snel melden als ze in de knel komen. Dan moet de hulp wel laagdrempelig zijn en schuldhulpverlening snel opgestart kunnen worden. Met deze extra inzet willen we dat bereiken.’
Sneller schulden aflossen
De partijen hebben onder meer afspraken gemaakt over het verkorten van schuldhulpverleningstrajecten. Het duurt nu vaak lang voordat de gemeente met alle schuldeisers tot een akkoord komt over de aflossing van schulden. Hierdoor verergeren de problemen. Door collectieve afspraken te maken met schuldeisers start de hulp eerder op en kunnen mensen hun schulden sneller aflossen. Een aantal gemeenten hanteert met succes deze nieuwe schuldenaanpak. Het kabinet wil stimuleren dat alle gemeenten dergelijke collectieve afspraken maken met schuldeisers.
Waarborgfonds
Er komt daarnaast een waarborgfonds om mensen met problematische schulden beter en sneller te ondersteunen. Hiermee is 30 miljoen euro gemoeid. Het fonds maakt het makkelijker voor gemeenten en andere partijen om saneringskredieten in te zetten. Hiermee kunnen schuldeisers in één keer gedeeltelijk worden betaald, wordt de restschuld kwijtgescholden en houdt de hulpvrager nog slechts één schuldeiser over. Hierdoor ontstaat meer grip op de financiële situatie. Ook gaan grote publieke schuldeisers zoals UWV, SVB en de Belastingdienst de mogelijkheid tot uitstel van betaling beter inzichtelijk maken bij mensen met problematische schulden. Het CJIB kent sinds dit voorjaar al de mogelijkheid van een ‘noodstop’, het tijdelijk stoppen van de invordering. Voorwaarde is dat de persoon in kwestie zich meldt bij de gemeentelijke schuldhulpverlening.
Signaleren armoede
Veel gezinnen met een laag inkomen vragen geen hulp, terwijl zij wel in aanmerking komen voor gemeentelijke armoederegelingen. Scholen wijzen ouders in toenemende mate actief op de hulp die voorhanden is. De ministeries van SZW en OCW faciliteren dit. Het gaat dan bijvoorbeeld om gerichte doorverwijzingen naar gemeenten of naar armoedefondsen die stimuleren dat kinderen in armoede mee kunnen doen. Het kabinet wil dat ook de jeugdgezondheidszorg en huisartsen hierin een rol krijgen.
Brede schuldenaanpak
De afspraken die het kabinet heeft gemaakt, vormen een aanvulling op het Actieplan brede schuldenaanpak dat onderdeel is van het regeerakkoord. Het gaat om een veertigtal acties op tal van fronten om de schuldenproblematiek terug te dringen, gericht op preventie, snelle en effectieve schuldhulp en een zorgvuldige, maatschappelijk verantwoorde incasso. Het kabinet werkt in de brede schuldenaanpak samen met gemeenten, uitvoeringsorganisaties en maatschappelijke organisaties. Het stelt daarnaast structureel extra middelen beschikbaar aan gemeenten en maatschappelijke organisaties voor de aanpak van kinderarmoede. Voor het voorkomen van schulden en de bestrijding van armoede, in het bijzonder onder kinderen, heeft het kabinet aan het begin van de kabinetsperiode incidenteel €80 miljoen beschikbaar gesteld.
Ministerraad stemt in met wetsvoorstel plan van aanpak witwassen
Contante betalingen vanaf drieduizend euro voor beroeps- of bedrijfsmatige handelaren zijn straks niet meer mogelijk, gegevensdeling door banken, andere financiële instellingen en notarissen wordt makkelijker en er komt een wettelijke mogelijkheid voor gezamenlijke transactiemonitoring door banken.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training casusregie voor de aanpak van ondermijning.
Dit staat in een wetsvoorstel waar de ministerraad op voorstel van minister Hoekstra van Financiën en minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid mee heeft ingestemd. Op deze manier ontstaan er meer mogelijkheden om witwassen van crimineel geld en terrorismefinanciering effectief aan te pakken.
Integriteitsrisico’s
Verder worden in dit wetsvoorstel maatregelen getroffen om de integriteit van de trustsector te waarborgen. De afgelopen jaren is gebleken dat de wetgeving in deze sector nog niet volledig wordt nageleefd en er integriteitsrisico’s blijven bestaan. Dienstverlening waaraan bijzonder hoge integriteitsrisico’s zijn verbonden, wordt daarom verboden. Dit betekent dat er een verbod komt op dienstverlening waarbij derde-hoog risicolanden of op belastinggebied non-coöperatieve landen betrokken zijn en dat het aanbieden van doorstroomvennootschappen wordt verboden.
Plan van aanpak
Minister Hoekstra en minister Grapperhaus hebben op 30 juni 2019 het plan van aanpak witwassen gepubliceerd. Hierin zijn maatregelen aangekondigd om witwassen en terrorismefinanciering effectiever aan te pakken. De maatregelen komen voort uit de bredere inzet van het kabinet om de integriteit van de financiële sector te vergroten.
Informatiepositie
Een belangrijk aandachtspunt in het plan van aanpak is de informatiepositie en onderlinge samenwerking bevorderen van instellingen die onder de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) vallen. Op die manier kunnen deze instellingen hun poortwachtersrol effectiever vervullen.
De ministerraad heeft ermee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. Het wetsvoorstel en het advies van de Raad van State worden openbaar na indiening bij de Tweede Kamer.
Hogere straf voor doodslag
De maximale gevangenisstraf voor doodslag gaat omhoog van 15 naar 25 jaar. Daarmee wordt het verschil kleiner tussen de maximale gevangenisstraf voor moord (30 jaar) en de gevangenisstraf voor doodslag. Dat is de kern van een wetsvoorstel van de ministers Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en Dekker (voor Rechtsbescherming) dat in consultatie is gegaan.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training casusregie voor de aanpak van ondermijning.
De maatregel was eerder aangekondigd en komt tegemoet aan de wens van de Kamer. De maximale gevangenisstraf van 30 jaar voor moord bestaat naast de levenslange gevangenisstraf die de rechter kan opleggen.
Onherstelbaar leed
Grapperhaus en Dekker vinden de verhoging van de straf wenselijk omdat doodslag een zeer ernstig misdrijf is dat onherstelbaar leed bij nabestaanden van slachtoffers veroorzaakt, en leidt tot onbegrip en gevoelens van onveiligheid in de samenleving. De straf doet nu geen recht aan de ernst van het misdrijf.
Passende straf
Bovendien moeten rechters voldoende mogelijkheden hebben om een passende straf op te leggen. Er kwamen signalen uit de rechtspraktijk dat het huidige strafmaximum bij zeer ernstige gevallen van doodslag als knellend wordt ervaren en het verschil tussen de maximumduur van de gevangenisstraffen voor doodslag en moord (te) groot is.
In 2018 kwamen in Nederland 119 mensen om het leven door doodslag of moord, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Wat zijn de plannen van de regering op het terrein van veiligheid voor het komende jaar?
Als de coronapandemie iets helder maakt, dan is het wel hoe afhankelijk we van elkaar zijn voor onze veiligheid en ons welzijn. Grote maatschappelijke vraagstukken kunnen we alleen samen aan. En te midden van alle onzekerheid moeten overheden, bedrijven en burgers kunnen rekenen op goed functionerende instituties van de rechtsstaat. Daarom investeert het kabinet in 2021 verder in een sterke rechtsstaat, voor een veilige samenleving.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training casusregie voor de aanpak van ondermijning.
Bestrijding van ondermijnende criminaliteit
Het breed offensief tegen georganiseerde, ondermijnende criminaliteit kan met structureel geld verder worden uitgebouwd. Het doel is de criminele (drugs)industrie te bestrijden en de samenleving weerbaarder te maken tegen het gif van crimineel geld, bedreigingen, intimidaties en liquidaties. Het kabinet stelt hiervoor in 2021 141 miljoen euro ter beschikking. In de jaren daarna wordt dat 150 miljoen euro structureel. Het Multidisciplinair Interventie Team (MIT) kan nu uitgroeien naar een zelfstandig team van honderden specialisten op het gebied van inlichtingen, toezicht, handhaving en opsporing (o.a. financiële en digitale expertise). Het gaat uiteindelijk om het verstoren van criminele bedrijfsprocessen, het oprollen van criminele netwerken en het afpakken van criminele vermogens; ofwel het afbreken van machtsposities van criminele kopstukken en hun facilitators.
Daarnaast wordt met het structurele geld de komende jaren het stelsel van bewaken en beveiligen en de getuigenbescherming duurzaam versterkt. Voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit is een belangrijke voorwaarde dat veiligheid en weerbaarheid wordt geboden aan getuigen en cruciale beroepsgroepen die zich inzetten voor de democratische rechtsstaat, zoals lokale bestuurders, rechters, officieren van justitie, agenten, advocaten en journalisten. Voor de verdere versterking van de lokale en regionale aanpak is in 2021 en 2022 geld gereserveerd; met tijdelijke middelen kan bijvoorbeeld worden geïnvesteerd in preventieve projecten om sociale problemen in steden en buurten aan te pakken om zo voedingsbodems voor ondermijnende criminaliteit weg te nemen.
Betere toegang tot het recht
De drempel om je recht te halen wordt verlaagd. Er komt bijvoorbeeld een beter aanbod van online dienstverlening. Zo krijgen burgers op een eenvoudige manier toegang tot begrijpelijke juridische informatie. Voor wie uiteindelijk een advocaat nodig heeft, blijft dat mogelijk. Sociaal advocaten krijgen net als in 2020 ook in 2021 een tijdelijke toelage om de omslag naar het vernieuwde stelsel van rechtsbijstand mogelijk te maken. Er wordt gezorgd voor oplossingen die rechtzoekenden écht verder helpen. Bijvoorbeeld door met een mediation-wet zowel de kwaliteit als het gebruik van deze soort geschiloplossing te stimuleren. Daarnaast komt het oplossen van conflicten letterlijk dichterbij huis door wijk- en buurtrechters, onder meer ondersteund door een nieuwe experimentenwet. Digitale middelen worden vaker ingezet om rechtszoekenden snel en efficiënt te helpen. Het ministerie van Justitie en Veiligheid krijgt er in 2021 45 miljoen euro bij om verder te bouwen aan digitalisering binnen de strafrechtketen.
Achterstanden coronacrisis wegwerken
Als gevolg van de coronacrisis konden veel rechtszaken niet doorgaan. Hierdoor is een flinke achterstand opgelopen. Het kabinet heeft voor 2021 40 miljoen euro beschikbaar gesteld om de achterstanden die door de coronacrisis zijn ontstaan weg te werken. Partijen als het OM, de Rechtspraak, Reclassering, Dienst Justitiële Inrichtingen en het Centraal Justitieel Incassobureau slaan hiervoor de handen ineen door bestaande gerechtsgebouwen beter te benutten, extra personeel in te zetten, zaken tijdelijk anders af te doen en de manier van werken te vernieuwen. Eind 2021 moeten deze achterstanden zijn weggewerkt in de strafrechtketen. Met de Rechtspraak zijn vorig jaar afspraken gemaakt om de reeds bestaande achterstanden weg te werken in de periode 2020-2022. Die afspraken blijven gelden.
Basis op orde
Om ook de komende jaren te zorgen dat de basis op orde blijft wordt er voor 2021 ruim 142 miljoen euro aan de begroting toegevoegd, structureel gaat het om € 332 mln. Het leeuwendeel hiervan gaat naar DJI: het gevangeniswezen 113 miljoen euro, forensische zorg 108 miljoen euro. en tbs 38 miljoen euro. Dit geld wordt gebruikt om de operationele capaciteit en de personele bezetting ook de komende jaren op orde te houden. De te verwachten capaciteitsbehoefte in de justitiële keten wordt in kaart gebracht op basis van de jaarlijkse ramingen van het prognosemodel (PMJ).
Stevige aanpak overlastgevende asielzoekers
Nederland wil veiligheid bieden aan mensen die vluchten voor oorlog of geweld. Een kleine groep asielzoekers maakt hier misbruik van en zorgt voor overlast of criminaliteit. Dit vraagt om een stevige aanpak. Asielzoekers uit veilige landen, die relatief vaak voorkomen in de groep die zorgt voor overlast, worden in 2021 apart en versoberd opgevangen. Ook werkt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid in 2021 aan de verdere ontwikkeling van de landelijke Top-X aanpak van de meest hardnekkige overlastgevers. Zij kunnen onder meer overgeplaatst worden naar een locatie waar een extra streng regime geldt. Vanwege de aanhoudende asielinstroom en achterstanden bij de behandeling van asielaanvragen komt er daarnaast 174 miljoen euro bij voor de asielketen in 2021. Dit geld is met name bedoeld voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND).
Maximaal vier jaar gevangenisstraf voor bedreiging van togadragers
Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) wil dat op bedreiging van togadragers een maximale gevangenisstraf van vier jaar komt te staan, net zoals voor burgemeesters en andere bestuurders. De strafverhoging is een onderdeel van het wetsvoorstel Versterking strafrechtelijke aanpak ondermijnende criminaliteit dat bij de Tweede Kamer is ingediend.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training casusregie voor de aanpak van ondermijning.
Rechters, officieren van justitie en advocaten vervullen een essentiële en onmisbare rol in onze democratische rechtstaat. Deze functies zijn cruciaal voor eerlijke, onafhankelijke en onpartijdige rechtspleging. Grapperhaus wil met de voorgestelde verhoging een duidelijk signaal afgegeven dat zij hun functie in vrijheid en veiligheid moeten kunnen vervullen en dat elke poging tot beïnvloeding van de rechtspleging door middel van intimidatie en bedreiging onacceptabel is. In het wetsvoorstel staat ook de eerder aangekondigde verhoging van het strafmaximum voor bedreiging van twee naar drie jaar gevangenisstraf en voor de bedreiging van burgemeesters, wethouders, gedeputeerden naar vier jaar gevangenisstraf.
Havens, vliegvelden en spoorwegemplacementen
Met een aantal maatregelen wil minister Grapperhaus de ondermijnende criminaliteit op verschillende manieren hard en effectief aanpakken. Strafbaarstelling van het illegaal verblijf op bepaalde terreinen is daar een van. Logistieke knooppunten hebben een grote aantrekkingskracht op georganiseerde criminaliteit. Dat betreft niet alleen havens en vliegvelden; ook spoorwegemplacementen zijn kwetsbaar. De spoorwegemplacementen zijn nieuw ten opzichte van de eerdere versie van het wetsvoorstel. De problematiek die nu met name in de havens en luchthavens voorkomt, kan zich verplaatsen naar de spoorwegen. Dat moet worden voorkomen.
Op allerlei manieren dringen criminelen de beveiligde terreinen binnen op zoek naar illegale goederen, zoals drugs. Deze activiteiten vormen een belangrijke schakel in de criminele netwerken die illegale drugstransporten uitvoeren en ondermijnen de controle op de invoer van goederen in het douanegebied. Dit is vaak lastig te bewijzen, omdat zij uit voorzorg bewijsmateriaal wegwerken. Zo gooien criminelen bijvoorbeeld (prepaid) mobiele telefoons weg, zodat de politie die bij hun aanhouding niet in beslag kan nemen.
Mede daarom wil Grapperhaus illegaal verblijf op beveiligde terreinen apart strafbaar stellen. Er komt een gevangenisstraf van een jaar op te staan. Als er sprake is van binnendringen, bijvoorbeeld als een crimineel een valse pas gebruikt of zich verstopt in een bedrijfswagen om het terrein op te komen, gaat de maximumstraf omhoog naar twee jaar.
Om beter onderzoek te kunnen doen naar de achtergrond van deze verdachten en hun relatie met (internationale) criminele netwerken in kaart te kunnen brengen, wordt voorlopige hechtenis mogelijk. Openbaar Ministerie en politie kunnen dan bewijsmateriaal verzamelen om verdachten in verband te brengen met georganiseerde criminaliteit.
Verstoren bedrijfsproces
Verder kondigde de minister aan politie en Openbaar Ministerie meer mogelijkheden te geven om het bedrijfsproces van criminelen te verstoren. Bepaalde chemicaliën – zogeheten precursoren – die als grondstof dienen voor harddrugs, worden verboden. Daarom wordt het bezit en transport evenals de in- en uitvoer van deze stoffen strafbaar. Er komt een maximumstraf van zes jaar op te staan.
Het gaat om stoffen die worden gebruikt voor de illegale productie van synthetische drugs en waarvan geen legale bestemming bekend is. Vooral criminelen die precursoren vervoeren kunnen straks gemakkelijker worden aangepakt. Straks is alleen al het bezit strafbaar, daarmee kan het productieproces eerder worden verstoord.
Kosten vernietiging
Daarnaast wil de minister de kosten die de Staat maakt voor de vernietiging van inbeslaggenomen voorwerpen die ernstig gevaar opleveren voor de leefomgeving of voor de volksgezondheid op daders kunnen verhalen. Het gaat onder andere om drugs en illegaal vuurwerk. Zo was in 2018 voor het opruimen van hennepkwekerijen 5,8 miljoen euro nodig.
Meer onderzoek
Tot slot kan straks in meer gevallen onderzoek worden gedaan naar het vermogen van veroordeelde criminelen. De praktijk laat zien dat zij flinke geldboetes en schadevergoedingsmaatregelen die bij een veroordeling worden opgelegd niet altijd betalen, terwijl er wél aanwijzingen zijn dat zij over geld beschikken.
Nu zijn er nog te weinig mogelijkheden om in die gevallen een duidelijker beeld te krijgen van het vermogen van de crimineel, zodat beslag kan worden gelegd. Met de maatregel wordt het mogelijk de opgelegde sancties makkelijker uit te voeren en krijgen criminelen veel minder kans de tenuitvoerlegging van hun geldstraf te frustreren.
Wetsvoorstel over meedenken met de rechter
De hoogste bestuursrechters in ons land krijgen de mogelijkheid om anderen dan de direct betrokken partijen te laten meedenken bij een bepaalde zaak. De inbreng van anderen geeft deze rechters een beter en breder zicht op de mogelijke maatschappelijke gevolgen van een te nemen beslissing. Dit staat in een wetsvoorstel van minister Dekker (Rechtsbescherming) en minister Ollongren (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), dat is ingediend bij de Tweede Kamer.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants .
Het instrument van ‘meedenken’ met de rechter (ook wel aangeduid als amicus curiae) stelt rechters beter in staat om alle relevante gezichtspunten te betrekken bij een beslissing. Dat is met name van belang als de gevolgen van een uitspraak verder reiken dan de betrokken partijen. De rechter kan dan in een bepaalde zaak bijvoorbeeld aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) vragen wat de gevolgen zijn voor gemeenten. Overigens is het aan de rechter om te bepalen of hij het nuttig vindt om de inbreng van meedenkers te vragen. Ook bepaalt de rechter zelf hoe hij die inbreng laat meewegen in zijn beslissing.
Experiment instrument
Meedenken met de rechter bestaat al in andere landen en bij enkele procedures bij de Hoge Raad. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft onlangs een experiment gedaan met dit instrument. Dat verliep goed en gaf aanleiding om het vast te leggen in de Algemene wet bestuursrecht. Daardoor kunnen de hoogste bestuursrechters er straks gebruik van maken: de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, de Centrale Raad van Beroep, het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de belastingkamer van de Hoge Raad.
Rechtspraak bij de tijd
Door de inbreng van meedenkers te vragen, kunnen rechters geluiden uit de samenleving beter laten doordringen in de rechtspraak. Daarmee draagt het wetsvoorstel bij aan de ambitie uit het regeerakkoord om rechtspraak effectiever en meer bij de tijd te laten zijn. Om dezelfde reden maakt het wetsvoorstel het verder mogelijk dat rechters uit de Raad van State deel kunnen nemen aan de rechtspraak bij de Hoge Raad. Het omgekeerde – leden van de Hoge Raad die ook rechter zijn bij de Raad van State – is nu al praktijk. Die praktijk laat zien dat wederzijdse benoemingen de rechtseenheid in het bestuursrecht bevorderen. Onnodige verschillen tussen uitspraken van de verschillende hoogste rechtscolleges in ons land worden daarmee voorkomen.
Slachtoffers seksueel geweld krijgen eigen risico vergoed
Slachtoffers van seksueel geweld die binnen zeven dagen hulp zoeken bij een Centrum Seksueel Geweld (CSG) kunnen vanaf 1 september een vergoeding krijgen voor het eigen risico. Dat maken de ministeries van Justitie en Veiligheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport mogelijk met een tijdelijke proef van één jaar. Medische en psychologische kosten vallen namelijk onder het eigen risico van de zorgverzekering, waardoor slachtoffers nu zelf moeten betalen. De pilot moet laten zien of de vergoeding van het eigen risico een drempel wegneemt om hulp te zoeken.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Minister Sander Dekker (Rechtsbescherming): De juiste hulp op het juiste moment kan een belangrijk verschil maken voor slachtoffers van een ernstig misdrijf als seksueel geweld. Slachtoffers moeten hierop kunnen rekenen. Hulp zoeken is vaak al moeilijk genoeg, daarom is het van belang om belemmeringen zoveel mogelijk weg te nemen.
Binnen 7 dagen
Slachtoffers van seksueel geweld kunnen in Nederland terecht bij een CSG, waarvan er zestien zijn in Nederland. De CSG’s zijn meestal verbonden aan de Spoedeisende Hulp van een ziekenhuis. In een CSG krijgen slachtoffers alle benodigde zorg en aandacht op één plek. Dat bestaat vaak uit een sporenonderzoek, medische en psychische hulp. Aan dit sporenonderzoek zijn voor het slachtoffer geen kosten verbonden, maar de andere kosten die gemaakt worden vallen onder het eigen risico in de zorgverzekering. Bij het bieden van hulp aan slachtoffers zijn de eerste zeven dagen na seksueel geweld het belangrijkst. Dan is er betere kans op psychisch herstel en op het voorkomen van zwangerschap en geslachtsziekten. In die eerste dagen kunnen ook sporen van de dader nog veilig worden gesteld. Dit helpt bij het opsporen van de dader en de bewijsvoering als aangifte wordt gedaan bij de politie.
Ministers Hugo de Jonge (VWS) en Tamara van Ark (Medische Zorg): Slachtoffers van seksueel geweld verdienen goede bescherming, opvang en ondersteuning. Daarom moeten we eventuele drempels zoveel mogelijk wegnemen. Door eigen het risico kosten te vergoeden, hopen we dat de zorg toegankelijker wordt voor deze kwetsbare groep.
Onnodige drempel
Seksueel geweld gaat vaak gepaard met angst, schaamte en schuld. Wie seksueel geweld meemaakt, durft daar vaak niet over te praten. Als medische kosten voor een verhoogde drempel zorgen dan belemmert dat de toegang tot de zorg en het aanpakken van de dader. Door middel van deze tijdelijke proef wordt onderzocht of het eigen risico een drempel vormt om hulp te zoeken en of een vergoeding die drempel dan kan verlagen. De resultaten van deze proef worden in het najaar van 2021 bekend gemaakt.
Ongeregeldheden en geweld zomer 2020
De ongeregeldheden en geweld in de vier grote steden in de afgelopen weken hebben geleid tot een overleg tussen de burgemeesters en de minister van Justitie en Veiligheid. Dit heeft tot een aantal gezamenlijke conclusies geleid.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Resolute aanpak
Kritiek en debat horen bij een democratie. Rellen, geweldpleging, bedreiging en opruiing niet. Dat gaat in tegen onze vrijheden en hoort niet thuis in onze maatschappij. We staan voor een resolute aanpak van relschoppers, geweldplegers en mensen die met bedreiging of intimidatie hun gelijk willen halen. Een aantal van deze relschoppers maakt gebruik van besloten social media kanalen en zet middelen in, zoals drillraps, om onrust te zaaien en op te roepen tot geweld. De overheid zal inzetten op meer mogelijkheden voor digitale opsporing en het stopzetten van dit soort berichten online.
Hard optreden
Ook zien wij dat vreedzame demonstraties door sommigen worden misbruikt voor geweld tegen en intimidatie van het rechtstatelijke gezag en tegen democratisch gelegitimeerde politici. De overheid blijft hard optreden tegen geweld dat gericht is op onze hulpverleners. Hun inzet is ongekend en verdient het grootste respect.
Bescherming van de samenleving
Democratie betekent je vrijheden kunnen uitoefenen, maar wel altijd binnen de regels van de rechtsstaat. Regels die we met elkaar hebben afgesproken en die rekening houden met anderen in de samenleving. De regels ter bestrijding van covid-19 perken onze vrijheden tijdelijk in. Maar die regels zijn er voor ons allemaal, ter bescherming van de samenleving.
Sociale basis verstevigen
De zware corona-periode heeft voor veel mensen ook zwakheden in sociale cohesie in de grote steden duidelijker zichtbaar gemaakt. Dit vraagt om maatregelen vanuit het veiligheidsdomein om die de sociale basis te verstevigen. De burgemeesters en de minister blijven hierover ook de komende tijd met elkaar in gesprek
Campagne Senioren en Veiligheid 1 september van start
Samen zorgen we ervoor dat criminaliteit niet loont. Daarom start op 1 september vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid in samenwerking met andere partijen de campagne Senioren en Veiligheid. Senioren krijgen concrete tips om te voorkomen dat ze slachtoffer worden en over wat ze moeten doen als het wel gebeurt. Onder de slogan ‘Maak het oplichters niet te makkelijk’ wordt gedurende vier weken aandacht besteed aan verschillende vormen van criminaliteit: meekijken bij pinnen, babbeltrucs, hulpvraagfraude (via bijvoorbeeld WhatsApp) en phishing.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Ambassadeur
Minister Grapperhaus maakt vandaag bekend dat acteur Kees Hulst ambassadeur wordt van de campagne. Kees Hulst:“Als acteur in ‘Het geheime dagboek van Hendrik Groen’ zie ik hoe graag senioren het heft in eigen handen nemen. Zij kunnen veel zelf doen om te voorkomen dat ze slachtoffer worden, maar hebben daarvoor wel de juiste informatie nodig. Daarom steun ik als ambassadeur graag de campagne, want samen met de overheid maken wij ouderen het oplichters natuurlijk niet te makkelijk!”
Slachtofferschap
Hoewel ouderen in algemene zin niet vaker slachtoffer worden van strafbare feiten dan mensen in andere leeftijdsgroepen vinden wij ieder slachtoffer een te veel. Daarnaast zien politie en de Fraudehelpdesk sinds de corona-crisis een verschuiving in de criminaliteit. Zo is het aantal slachtoffers van hulpvraagfraude (bijvoorbeeld via WhatsApp) fors toegenomen en worden babbeltrucs gebruikt waarbij criminelen ‘hulp’ aanbieden.
Handelingsperspectieven
Slachtofferschap kan iedereen overkomen en dus ook elke oudere. Daarom krijgt men via de campagne concrete handelingsperspectieven mee die slachtofferschap zoveel mogelijk kan voorkomen. Wanneer een oudere toch slachtoffer is geworden, is het van belang dat dit bespreekbaar is en ouderen ook aangifte doen. Hiervoor geeft de campagne ook tips. Deze (universele) informatie en tips kunnen natuurlijk ook door anderen worden benut, zoals (klein)kinderen, buren en verzorgers.
Programma
Elke week van september staat in het teken van een andere vorm van criminaliteit. In week 36 (1/9 t/m 7/9) wordt meekijken bij pinnen behandeld, in week 37 (8/9 t/m 14/9) babbeltrucs, week 38 (15/9 t/m 21/9) draait om hulpvraagfraude (via bijvoorbeeld WhatsApp) en week 39 (22/9 t/m 28/9) staat in het teken van phishing.
Via de websites (www.maakhetzeniettemakkelijk.nl) en social media kanalen van het ministerie van Justitie en Veiligheid en betrokken partijen worden wekelijks nieuwe voorlichtingsfilmpjes over het thema geplaatst, met Kees Hulst in de hoofdrol. Vele partijen sluiten bij de campagne aan door het campagnemateriaal te verspreiden via hun kanalen: ouderenbonden, politie, het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid, de Fraudehelpdesk, Slachtofferhulp Nederland, banken, de telecomsector en vele gemeenten.
Daarnaast vindt elke dinsdag om 10.30 uur op www.maakhetzeniettemakkelijk.nl een webinar plaats, gepresenteerd door Catherine Keyl. Een panel van inhoudelijk experts spreekt over het thema van die week.



