War on Drugs
Enige tijd geleden was ik op reis in Mexico dat veel te lijden heeft onder de aanwezigheid van drugskartels. De War on Drugs in Mexico is mislukt. De hoop was dat met een harde aanpak een drugsvrije wereld kon worden gecreëerd. Maar de manier waarop dit werd gedaan, was niet productief en werkte zelfs averechts. Door het toenemende geweld als gevolg van de drugsoorlog zijn burgers het vertrouwen in de overheid verloren en is diezelfde overheid de grip op de drugsbendes kwijtgeraakt.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training procesregie op ondermijning.
Vrijlating van een drugskartelbaas
Illustrerend voor de falende aanpak van drugscriminaliteit in Mexico is de vrijlating van drugskartelbaas Ovidio Guzmán kort nadat hij in de noordelijk gelegen stad Culiacán in de staat Sinaloa was aangehouden door Mexicaanse veiligheidstroepen. De VS hadden de Mexicanen vorig jaar om uitlevering van Ovidio Guzmán gevraagd, op verdenking van het vervoeren van cocaïne, marihuana en amfetaminen. Volgens de Mexicaanse autoriteiten betraden 35 agenten het huis waar Ovidio Guzmán zich bevond. Tientallen zwaar bewapende handlangers van de bendeleider omsingelden daarop de woning en openden het vuur op de politietroepen. Ze namen ook een aantal agenten in gijzeling. Tegelijkertijd zorgde het kartel voor chaos en bloedvergieten in grote delen van de stad. Gemaskerde mannen met zware wapens wierpen brandende blokkades op. Op diverse plaatsen ontstonden vuurgevechten met de politie. Verspreid over de stad lagen slachtoffers op straat, sommigen in plassen bloed. Diverse voertuigen gingen in vlammen op. De geweldsuitbraak was reden voor het veiligheidskabinet van de regering om Ovidio Guzmán kort na zijn aanhouding weer vrij te laten. “De arrestatie van één crimineel kan niet meer waard zijn dan mensenlevens”, aldus president Andrés Manuel López Obrador op een persconferentie. “Het veiligheidskabinet heeft de beslissing genomen en ik steun die. We willen geen doden. We willen geen oorlog.” Het incident leerde dat de Mexicaanse overheid zelfs in een grote stad als Culiacán niet langer de dienst uitmaakt. Ondanks de vrijlating Ovidio Guzmán was het bloedvergieten nog niet afgelopen. Kort na de arrestatie en vrijlating van Ovidio Guzmán werd de commandant die deze actie leidde geliquideerd.
Vastlopende strijd
Latijns-Amerika telt jaarlijks 150.000 moorden en wordt hierdoor het moordcontinent genoemd. Dit continent betaalt veruit de hoogste prijs voor de War on Drugs. De kritiek op de strijd tegen drugscriminaliteit is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Het werelddrugsbeleid wordt door de Verenigde Staten en in mindere mate door Europa bepaald. Ondanks de vele arrestaties van leden van drugsbendes, onderscheppingen van drugs en jarenlange veroordelingen is de drugscriminaliteit eerder gegroeid dan afgenomen. In de VS en Europa komt het besef dat de bestrijding van drugscriminaliteit vastloopt en dat de repressieve aanpak die wordt gehanteerd niet perse de juiste is. Tegelijkertijd worden de drugskartels steeds machtiger. De winsten die zij behalen met de handel in drugs worden witgewassen en besmetten op deze manier de hele economie. Daarnaast doen de drugskartels steeds vaker hun intrede in andere criminele branches zoals mensenhandel, illegale prostitutie en ontvoeringen.
Groeiende problematiek
Het Sinaloa-kartel van Ovidio Guzmán is inmiddels actief in meer dan vijftig landen, waaronder Nederland. In Europa en in de VS is er een enorme afzetmarkt. Drugsdealers blijven actief zolang de vraag naar drugs blijft bestaan en het niet wordt gedecriminaliseerd of gelegaliseerd. Met alle gevolgen van dien waaronder tienduizenden moorden in Mexico. Het allergrootste probleem is dat er nauwelijks een alternatief is voor de drugscriminaliteit. Door het vele geweld als gevolg van de drugshandel zijn veel buitenlandse bedrijven uit Mexico vertrokken. Het gevolg is toenemende werkloosheid waardoor (nog meer) Mexicanen al dan niet gedwongen in de drugscriminaliteit terechtkomen. Uit angst voor het drugsgeweld zijn inmiddels tienduizenden Mexicanen op de vlucht geslagen. De Verenigde Staten houden hun grenzen echter nagenoeg dicht, waardoor de vluchtelingen voor de drugsoorlog nergens terecht kunnen.
Opgedane kennis en ervaringen
Wat kunnen we in Nederland en de rest van de wereld leren van de opgedane kennis en ervaringen die Mexico en in het bijzonder in de stad Culiacán zijn opgedaan bij de bestrijding van drugscriminaliteit? Allereerst dat alleen een repressieve aanpak niet altijd de oplossing is voor diepgewortelde criminaliteit in de samenleving. De bestrijding van drugscriminaliteit vraagt om een integrale aanpak waarbij repressie en preventie hand in hand gaan. Met goede voorlichting kan de vraag naar drugs worden verkleind en hiermee ook de handel in drugs en de criminaliteit (witwassen, liquidaties) die hiermee gepaard gaat. Door de kansen in achtergestelde wijken te vergroten, kan de voedingsbodem voor criminaliteit worden weggenomen. Dit zorgt niet alleen voor meer veiligheid, maar ook voor meer gelijkheid en minder armoede. De drugskartels kunnen hierdoor minder makkelijk nieuwe aanwas rekruteren in deze wijken.
Rechtmatig en doelmatig informatie uitwisselen bij de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit
Gemeenten hebben in de aanpak van ondermijning een belangrijke rol. Een optreden als één overheid en één gemeente waarbij alle partijen hun eigen rol en bevoegdheden uitoefenen is noodzakelijk. Hiervoor is een goede informatiepositie vereist wat vraagt om het delen van informatie. In het model privacy protocol wordt aan de hand van een stappenplan een transparante werkwijze voor gemeenten uitgewerkt. Daarvoor is een heldere juridische analyse opgesteld over de mogelijkheden tot verdere verwerking van gegevens binnen een gemeente.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training procesregie voor de aanpak van ondermijning.
Problematiek en de noodzaak voor de aanpak
Georganiseerde ondermijnende criminaliteit start, wordt ondersteund en in stand gehouden met ondermijnende activiteiten. De negatieve gevolgen hiervan blijken omvangrijker te zijn en dieper in de samenleving geworteld te zijn dan eerder werd gedacht. De sluimerende aanwezigheid van georganiseerde criminaliteit en bijbehorende ondermijnende activiteiten leiden tot aantasting van de leefbaarheid in de wijken en hebben ernstige gevolgen voor de samenleving op het gebied van veiligheid en maatschappelijke integriteit. Door de verwevenheid van onder- en bovenwereld, hetgeen kenmerkend is voor ondermijnende activiteiten, is het ook mogelijk dat de overheid deze onbewust faciliteert middels subsidies, vergunningen, uitkeringen etc. Dit leidt tot aantasting van de integriteit van de overheid. Hierdoor ontstaan malafide economische machtsposities binnen de samenleving die zijn opgebouwd met op ondermijnende wijze vergaard kapitaal.
Geïntegreerde bestuurlijke aanpak
Voor een effectieve aanpak van deze ondermijnende activiteiten (en mogelijk georganiseerde criminaliteit) is een geïntegreerde bestuurlijke aanpak binnen de gemeente een noodzakelijk vereiste. De signalen, afkomstig van burgers en organisaties, dienen als input voor het signaleren en aanpakken van ondermijnende en mogelijk georganiseerde criminaliteit. Om maatregelen tegen ondermijnende georganiseerde criminaliteit gericht in te zetten is een goede informatiepositie van cruciaal belang. Een gemeente kan haar informatiepositie versterken door het registreren, delen, bundelen en analyseren van de informatie die in de gemeentelijke organisatie en bij haar (veiligheids)partners aanwezig is.
Model privacy protocol
In opdracht van het Strategisch Beraad Ondermijning en in samenspraak met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Autoriteit Persoonsgegevens is een model privacy protocol opgesteld dat door gemeenten kan worden toegepast bij het delen van informatie in het kader van de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit. Het model privacy protocol maakt inzichtelijk op welke wijze de informatiedeling binnen een gemeente kan worden ingericht. Het beschrijft aan de hand van een stappenplan welke mogelijkheden gemeenten hebben om op dat op een rechtmatige manier te doen, waarbij rekening wordt gehouden met de grenzen van bestaande wetgeving om informatie binnengemeentelijk te kunnen delen. Bij iedere stap van het beschreven proces moet een concrete afweging worden gemaakt of bepaalde persoonsinformatie in een voorliggend geval mag worden verstrekt. Dit vloeit voort uit de geldende wetgeving in samenhang met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en waarborgt het op een transparante en zorgvuldige wijze omgaan met persoonsgegevens. Bij het opstellen van het modelinformatieprotocol is in kaart gebracht welke (sectorale) wetten een basis bieden voor het verder verwerken van gegevens die onder sectorale wetgeving is verkregen. Uit de juridische analyse blijkt dat signalen die de gemeente ontvangt in veel gevallen kunnen worden doorgeleid naar een of meer gemeentelijke diensten, zodat het bevoegde bestuursorgaan een passend besluit kan nemen. Uit die analyse blijkt evenwel ook dat een aantal wetten een zodanige geheimhoudingsverplichting bevat, dat informatie die krachtens die wet is verkregen, niet voor andere doeleinden kan worden benut.
Rechtmatig en doelmatig informatie uitwisselen
In het model privacy protocol zijn verschillende stappen geformuleerd. Door die stappen langs te lopen, komt de gemeente tot een aanpak van ondermijning die voldoet aan de eisen van de privacywetgeving. Op deze manier kan elke gemeente dit model gebruiken en desgewenst aanpassen aan de eigen organisatie. Het doel van het protocol is om gemeenten, die binnengemeentelijk gegevens willen uitwisselen ten behoeve van de aanpak van de bestuurlijke en bestuursrechtelijke aanpak van ondermijning en zich afvragen of en wat mag, langs de vragen te leiden die zij dan moeten beantwoorden. Daarbij staat steeds voorop dat er een gemeentelijke taak of bevoegdheid moet zijn waarvoor de gegevensuitwisseling wordt overwogen. Het model kent twee soorten waarborgen. In de eerste plaats gaat het om procesmatige waarborgen. Doel van deze waarborgen is onder andere om te voorzien in een proportionele aanpak. In de tweede plaats gaat het om rechtmatigheidswaarborgen. Het gaat dan om de privacy-vragen die de gemeente in ieder geval moet beantwoorden. Van belang daarbij is om steeds aan te knopen bij bestaande gemeentelijke wettelijke taken en bevoegdheden. Het zal daarbij veelal gaan om wettelijke taken en bevoegdheden die zien op openbare orde bevoegdheden en bevordering van de leefbaarheid.
Regievoering en informatiedeling in de praktijk
De aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit vraagt om een multidisciplinaire samenwerking waarbij de gemeente en andere betrokken (veiligheids)partners samenwerken en gezamenlijk tot een doeltreffende aanpak komen. Voor een succesvolle uitvoering van de aanpak is regievoering en informatiedeling cruciaal. De regisseur van de gemeente ziet er op toe dat de (veiligheids)partners een plan van aanpak opstellen, bewaakt de uitvoering en voortgang daarvan en grijpt in wanneer de situatie daarom vraagt. C3Group en RONT Management Consultants hebben een applicatie ontwikkeld waarmee integraal en domein overstijgend casus- en procesregie kan worden gevoerd bij de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit met overzicht, inzicht en regie op resultaat. Voorbeelden van toepassingsgebieden zijn een persoonsgerichte en gebiedsgerichte aanpak. De applicatie wordt door verschillende grote, middelgrote en kleinere gemeenten succesvol toegepast bij de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit. Binnen de applicatie wordt het proces van informatie verzamelen en verrijkken volgens een vaste methodiek AVG-Proof ondersteund.
Steun en hulp voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg
Er komt een financiële tegemoetkomingsregeling voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg. De regeling maakt onderdeel uit van een breder pakket aan maatregelen dat het kabinet aan de Tweede Kamer bekendmaakte. Hiermee reageren ministers Hugo de Jonge (VWS) en Sander Dekker (Rechtsbescherming) op de aanbevelingen van de Commissie De Winter, die eerder haar onderzoekresultaten presenteerde over geweld in de jeugdzorg.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants en docent op de training casus- en procesregie op zorg en veiligheid.
Psychisch, fysiek en seksueel geweld
Commissie De Winter tekende verhalen op over psychisch, fysiek en seksueel geweld waaraan kinderen in de jeugdzorg in de periode 1945-2019 zijn blootgesteld. In het rapport deed de commissie aanbevelingen om de slachtoffers uit het verleden te ondersteunen en kwetsbare kinderen nu en in de toekomst te beschermen tegen geweld.
Aandacht en erkenning
Tijdens verschillende bijeenkomsten met slachtoffers en lotgenotenorganisaties hebben ministers De Jonge en Dekker de afgelopen maanden gesproken over de ervaringen van de slachtoffers en welke vormen van erkenning slachtoffers belangrijk vinden. “De gesprekken met slachtoffers uit alle lagen van de samenleving, van alle leeftijden, hebben enorme indruk op ons gemaakt. Wat zij hebben meegemaakt verdient aandacht en erkenning. Het is belangrijk om recht te doen aan de slachtoffers van gisteren. En voorkomen dat de kinderen in de jeugdzorg vandaag, de slachtoffers van morgen worden”, aldus De Jonge en Dekker.
Erkenningsmaatregelen
Recent werd het pakket aan erkenningsmaatregelen tijdens een besloten bijeenkomst met slachtoffers gedeeld. Om slachtoffers van geweld in de jeugdzorg erkenning te geven voor het leed dat hen is aangedaan, bracht minister Dekker allereerst nogmaals excuses van het kabinet over. Daarnaast komt er een financiële tegemoetkomingsregeling waar de slachtoffers aanspraak op kunnen maken. Er is per slachtoffer een bedrag van 5.000 euro beschikbaar als tegemoetkoming voor het leed dat hen is aangedaan. De verwachting is dat de regeling dit najaar van start gaat.
Initiatieven om ervaringen te delen
Verder worden in nauw overleg met de betrokken brancheverenigingen en lotgenotenorganisaties verschillende initiatieven opgezet zodat slachtoffers hun ervaringen kunnen delen. Het gaat onder meer om lotgenotencontact te organiseren via het initiatief ‘Het Koershuis’. Ook krijgen slachtoffers de mogelijkheid hun verhaal met een breder publiek te delen, via een te ontwikkelen website, een documentaire en een congres. Zo groeit het publiek bewustzijn en kan er kennis worden uitgewisseld om nieuw geweld in de toekomst te voorkomen.
De best passende zorg voor kwetsbare jongeren
Met het eerder gepresenteerde programma Zorg voor de Jeugd en het plan “De best passende zorg voor kwetsbare jongeren” wil het kabinet samen met brancheorganisaties en gemeenten verder gehoor geven aan de aanbevelingen van commissie De Winter. Door onder andere te stoppen met separeren, minder kinderen te plaatsen in gesloten instellingen en kinderen zo veel mogelijk in een huislijke omgeving (zoals pleeggezinnen en gezinshuizen) op te vangen moeten kinderen beter worden beschermd en ondersteund.
Jongerenperspectief structureel betrekken bij beleid
Het kabinet onderschrijft de conclusies van het SER Jongerenplatform en wil het perspectief van jongeren structureel betrekken bij beleidsvorming. Daarom gaat het kabinet, op voorstel van het SER Jongerenplatform, een ‘generatietoets’ invoeren bij de ontwikkeling van wet- en regelgeving. Het doel is dat de effecten van beleid op verschillende generaties worden meegenomen in beleidsontwikkeling. Ook heeft het kabinet besloten structureel onderzoek te doen naar de financiële positie van jongeren. En het kabinet vraagt het SER Jongerenplatform een tweede, specifiekere, verkenning te doen rondom de belangen en positie van jongeren in Nederland.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management consultants en docent op de training casus- en procesregie op zorg en veiligheid.
Jongeren moeten zich kunnen ontplooien en een goed leven kunnen opbouwen. Het SER Jongerenplatform heeft aangegeven zorgen te hebben over de toegankelijkheid van het onderwijs, de start op de arbeidsmarkt, betaalbare woonruimte en de mogelijkheid om een gezin te starten. Het kabinet herkent die zorgen en neemt die serieus.
Situatie verbeteren
Op veel punten die de jongeren aandragen is het kabinet al bezig om de situatie te verbeteren. Zo is op 1 januari de Wet arbeidsmarkt in balans ingegaan, die het aantrekkelijker maakt voor werkgevers om vaste contracten aan te bieden. Ook loopt er bijvoorbeeld een onderzoek naar de mentale gezondheid van jongeren.
Belangen van jongeren
Om de belangen van jongeren beter mee te nemen bij het maken van nieuwe wet- en regelgeving, gaat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in samenwerking met jongeren en jongerenorganisaties de ‘generatietoets’ ontwikkelen. Op een aantal dossiers wordt de komende tijd daarmee geëxperimenteerd. Voorkomen van onnodige bureaucratie is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Daarnaast gaat het kabinet elke twee jaar een onderzoek laten uitvoeren om beter beeld te krijgen van de financiële positie van jongeren.
Stapeling van problematiek
Minister Koolmees: “Het is goed dat de jongeren van de SER hun zorgen hebben gedeeld over de stapeling van problematiek bij één generatie, namelijk de jongeren. Gelukkig is het kabinet al goed op weg om die zorgen aan te pakken. Maar we zijn er nog niet. Daarom vinden we het heel belangrijk om de kritische blik van jongeren structureel te betrekken bij ons werk. Ik ben blij dat het SER Jongerenplatform bereid is om ons in de toekomst van advies te blijven voorzien.”
Terugblik Managementbijeenkomst Ondermijning
Het overgrote deel van de gemeenten in Nederland ondervindt schade van georganiseerde criminaliteit, waarbij de integriteit van de samenleving in het geding is en waarbij de directe leefomgeving van bewoners wordt bedreigd. Op 13 februari 2020 vond de Managementbijeenkomst Ondermijning plaats waar bijna honderd bestuurders en managers werkzaam bij gemeenten, politie, Openbaar Ministerie, Regionaal Informatie en Expertise Centra, Omgevingsdienst en belastingdienst samenkwamen om kennis en ervaringen uit te wisselen over de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit. RONT Management Consultants was ook aanwezig op de Managementbijeenkomst Ondermijning om een bijdrage te verzorgen over Rijker Verantwoorden bij de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en spreker op de Managementbijeenkomst Ondermijning.
Maatschappelijke impact van ondermijning
De managementbijeenkomst werd geopend door Ingrid Geveke, gemeentesecretaris van de gemeente Zwolle en dagvoorzitter van de Managementbijeenkomst Ondermijning. De eerste plenaire lezing op de bijeenkomst werd verzorgd door Emile Kolthoff, hoogleraar Criminologie aan de Open Universiteit en lector Ondermijning aan het Expertisecentrum Veiligheid van de Avans Hogeschool. In zijn plenaire lezing ging hij in op de maatschappelijke impact van ondermijning. Ondermijnende georganiseerde criminaliteit heeft niet alleen een negatieve invloed op de leefbaarheid en veiligheid in wijken, maar raakt alle onderdelen van de gemeentelijke organisatie. Emile Kolthoff ging tijdens zijn lezing in op de definities van zowel georganiseerde criminaliteit als ondermijning. Van georganiseerde criminaliteit is sprake indien groepen die primair zijn gericht op illegaal gewin systematisch misdaden plegen met ernstige gevolgen voor de samenleving, en in staat zijn deze misdaden op betrekkelijk effectieve wijze af te schermen, in het bijzonder door de bereidheid te tonen fysiek geweld te gebruiken of personen door middel van corruptie uit te schakelen. Er is sprake van ondermijning wanneer de samenhang in wijken en de legale economie wordt ontwricht door het op grote schaal systematisch schenden van wettelijke normen, of door intimidatie, omkoping of chantage van burgers, bedrijven, bestuurders of het ambtelijk uitvoerend apparaat. Dit betekent dat georganiseerde criminaliteit niet per definitie ondermijnend hoeft te zijn. Hiervan is sprake wanneer de gezagspositie van bestuur en politie wordt aangetast, wanneer er een sluipende maatschappelijke acceptatie is van misdaad(geld) en de marktwerking wordt aangetast door het witwassen van crimineel geld.
De ondermijnende georganiseerde criminaliteit vindt zijn oorsprong in wijken en buurten waar problemen van armoede, achterstand en achterstelling zich opstapelen en draagt vervolgens ook bij aan de verdere verloedering daarvan. Belangrijke ondermijnende effecten in wijken en buurten zijn het ontstaan van een subcultuur waarin overheidsgezag niet wordt erkend, machtsovername in een gebied met kwetsbare groepen burgers, beeldvorming waarin misdaad loont en oneerlijke concurrentie voor bonafide ondernemers van malafide ondernemers. Om te komen tot een effectieve aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit is een gebiedsgerichte benadering en samenwerking binnen en buiten de gemeentelijke organisatie noodzakelijk. Emile Kolthoff pleitte daarom voor een integrale aanpak van deze complexe veiligheidsproblematiek.
De (bestuurlijke) aanpak van ondermijning in IJsselland
De tweede plenaire lezing op de bijeenkomst werd verzorgd door Martijn Dadema, burgemeester van de gemeente Raalte en regionaal portefeuillehouder ondermijning. Criminelen verplaatsen zich van de onder- naar de bovenwereld. Ze gebruiken plaatselijke infrastructuren en faciliteiten bij de uitvoering van hun criminele activiteiten en het witwassen van de gelden die hiermee worden verkregen. De gemeente heeft de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen openbaar bestuur (Wet bibob) tot haar beschikking om te voorkomen dat zij, door het verlenen van vergunningen, het verstrekken van subsidies of het gunnen van overheidsopdrachten onbedoeld criminele activiteiten faciliteert. Daarnaast heeft de burgemeester nog andere bevoegdheden om invulling te geven aan de bestuurlijke aanpak van ondermijning. Om de aanpak van deze complexe veiligheidsproblematiek nog effectiever te maken, loont het om bestuurlijke, strafrechtelijke en financiële maatregelen met elkaar te combineren. Op deze manier ontstaat een integrale aanpak van ondermijning en georganiseerde criminaliteit waarbij de interventies van de verschillende veiligheidspartners op elkaar worden afgestemd tot een plan van aanpak.
De rol van een manager in de aanpak van ondermijning
In de stad Utrecht is er sprake van productie en handel in drugs (hennep, cocaïne), witwassen van crimineel vermogen en fraude; ook met geld van de overheid. Er zijn kwetsbare wijken en locaties, maar ook specifieke groepen zoals families die zich onaantastbaar wanen, en hun netwerken. De maatschappelijke impact van criminele netwerken kan enorm zijn. Niet alleen vanwege het onderlinge geweld, maar ook omdat ze steeds vaker uitmonden in informele economieën waarin het illegale geld wordt geïnvesteerd. In vastgoed, bedrijven, handige locaties voor opslag van drugs of wapens. Daar is wegkijken, meedoen en profiteren eerder regel dan uitzondering. Eerlijke ondernemers zijn daarvan de dupe. Maar ook in een woonwijk kan de impact groot zijn.
Een gemeente heeft de algemene verantwoordelijkheid om te voorkomen dat het vertrouwen in een veilige en integere samenleving wordt ondermijnd. Daarnaast heeft een gemeente de specifieke verantwoordelijkheid dat (lokale) wet- en regelgeving wordt misbruikt. Ben van der Hoeven, programmamanager ondermijning bij de gemeente Utrecht, verzorgde de derde plenaire lezing op de bijeenkomst. Hierbij benadrukte hij het belang van bestuurlijke weerbaarheid en de rol van de manager hierbij. Bestuurlijke weerbaarheid kan omschreven worden als de mate waarin het lokaal bestuur in staat is de ondermijnende effecten van georganiseerde criminaliteit tegen te gaan, zowel preventief als reactief. Hierbij kun je denken aan het waarborgen van een veilige werkomgeving van de betrokken ambtenaren en het effectief optreden bij eventuele incidenten waar medewerkers bij betrokken zijn.
In zijn lezing ging Ben van der Hoeven in op hoe hij invulling heeft gegeven aan het programma van de aanpak van ondermijning in de gemeente Utrecht. Bij de start heeft hij geïnventariseerd welk (flankerend) beleid er op dit terrein reeds bestond binnen de gemeente en welke afdelingen hierbij betrokken waren. De volgende stap was het daadwerkelijk vormgeven van de aanpak van ondermijning in samenwerking met afdelingen en functies die hieraan een belangrijke bijdrage kunnen en willen leveren. De Utrechtse aanpak van ondermijning is drieledig: het waarborgen van een weerbare stad, het verstoren van het criminele ondernemingsklimaat en creëren van een weerbare overheid. Daar is een langdurige, intensieve inzet voor nodig door een brede coalitie van partijen: veiligheidspartners, maatschappelijke organisaties, private partijen, bewoners en ondernemers.
Gezamenlijke inzet
RONT Management Consultants verricht sinds twee jaar samen met de Politieacademie actieonderzoek naar de aanpak van ondermijning op Rotterdam Zuid. We vragen ons af hoe je kunt verantwoorden over de gezamenlijke inzet en over de effecten van de aanpak. In de sessie van RONT Management Consultants op de Managementbijeenkomst Ondermijning was het vertrekpunt de manier waarop samenwerkende professionals betekenis geven aan lokale situatie: Wat is er aan de hand? Wat willen we niet op zijn beloop laten? En waarom? Wie hebben we daarbij nodig? En wat zijn de werkzame principes onder een mogelijke aanpak?
Rijker Verantwoorden
Hierbij maakten we gebruik van het instrumentarium van Rijker Verantwoorden dat door RONT Management Consultants is ontwikkeld in samenwerking met de Politieacademie in opdracht van de Politie. Rijker Verantwoorden kan helpen bij het mobiliseren van stakeholders, het gezamenlijk leren uit ervaringen, het realiseren van breed gedragen oplossingen en het legitimeren van de gehanteerde aanpak. Verantwoording dient op deze manier als middel om te laten zien waaraan wordt gewerkt, hoe dit wordt aangepakt, welk breder doel dit dient en welke effecten en (neven)resultaten hieruit voortkomen. Inmiddels gebruikt het merendeel van de Regionale Informatie en Expertise Centra en diverse gemeenten de methodiek bij de vormgeving een verantwoording van hun aanpak van onder andere georganiseerde ondermijnende criminaliteit richting stakeholders.
Rijker Verantwoorden kan worden gebruikt om van binnen naar buiten te werken. We kiezen het perspectief van ‘veel professionals’ die samen betekenis geven aan hun werk en vandaaruit verantwoording afleggen aan veel bestuurders. Maar omgekeerde perspectieven zijn ook noodzakelijk. Er is het perspectief van ‘veel bestuurders’ die vanuit verschillende invalshoeken en vanuit de bevoegdheden van verschillende wetten en organisaties een samenhangend beleid moeten maken. En het perspectief van ‘veel managers’ die in de praktijk keuzen maken in de aansturing en prioritering van het werk. Verantwoording werkt als de informatie die wordt gedeeld (1) betekenisvol is vanuit het perspectief van politiek, management en professionals, (2) als die informatie op een structurele manier wordt gedeeld en (3) als de besturing van de organisatie zo is ingericht dat die informatie daadwerkelijk wordt gebruikt. Het doel van de beweging van rijker verantwoorden is om aansluiting te maken met alle niveaus. En een betekenisvolle dialoog tot stand te brengen die vanuit politiek, management en professionals betekenisvol en werkbaar is. Op deze manier kan worden gekomen tot een breed gedragen effectieve aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit die zicht blijft door ontwikkelen op basis van opgedane kennis en ervaringen.
Overheden en gerechtsdeurwaarders gaan burger met schulden beter beschermen
Overheidsorganisaties en gerechtsdeurwaarders gaan informatie uitwisselen over beslagen en verrekeningen van mensen met schulden. De gegevensuitwisseling moet helpen om te voorkomen dat, wanneer meerdere schuldeisers beslag leggen, mensen onder het bestaansminimum terechtkomen. Zo hebben deurwaarders nu geen inzicht in beslagen van publieke partijen. Dat gaat veranderen.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants.
Staatssecretaris Van Ark (SZW) heeft samen met minister Dekker (Rechtsbescherming) het wetsvoorstel dat dit regelt aangeboden voor internetconsultatie. Het is een van de maatregelen uit het actieplan brede schuldenaanpak van het kabinet. Tamara van Ark: ‘Nu kan de situatie zich voordoen dat een deurwaarder beslag legt op een deel van iemands inkomen terwijl een overheidsorganisatie, zoals bijvoorbeeld UWV of het waterschap, al beslag heeft gelegd op hetzelfde inkomen. Hierdoor is er een groot risico dat mensen te weinig overhouden om van te leven. Dat is nu juist wat we niet willen. Het zorgt ook voor onnodige kosten van gerechtelijke procedures en incasso’s, waardoor iemands schulden nog meer toenemen. En het levert heel veel stress op als meerdere schuldeisers aan je deur kloppen, terwijl er al maximaal beslag is gelegd en je niets kunt betalen. Dat kan en moet anders.’
Het kabinet zet in op het voorkomen van problematische schulden, treft maatregelen om problematische schulden terug te dringen en maakt afspraken met gemeenten om meer mensen met schulden effectiever te helpen. Het rechtssysteem is zo ingericht dat dat mensen zelf verantwoordelijk zijn en blijven voor het nakomen van hun financiële verplichtingen en het aflossen van eventuele schulden. Daar staat tegenover dat de schuldenaar te allen tijde in zijn levensonderhoud moet kunnen voorzien. Het actieplan brede schuldaanpak heeft 3 hoofdlijnen: problematische schulden voorkomen (preventie en vroegsignalering), ontzorgen en ondersteunen en zorgvuldige en maatschappelijke verantwoorde incasso.
Einde in zicht voor tijdschrijven in de jeugdzorg
Er moet een einde komen aan het tijdschrijven in de jeugdzorg. Dat heeft minister Hugo de Jonge (VWS) afgesproken met de bonden FNV en CNV, Jeugdzorg Nederland en de VNG. Voor veel professionals in de jeugdzorg betekent dit dat ze vele uren per week minder kwijt zijn aan papierwerk en straks meer tijd over hebben voor zorg en ondersteuning aan kinderen. De betrokken partijen kwamen in Rotterdam bijeen tijdens de landelijke (regel)schrapweek in de jeugdzorg.
Frank van Summeren, adviseur bij RONT Management Consultants.
Regel schrappen
In de afgelopen maanden zijn er meerdere regelschrapsessies en bijeenkomsten geweest met jeugdprofessionals, aanbieders en gemeenten. Professionals gaven daarin te kennen veel last te hebben van tijdschrijven. Professionals moeten dan per uur of zelfs in minuten aangeven welke handeling of interventie ze hebben verricht. Deze vorm van tijdschrijven wordt geregeld afgesproken in contractafspraken tussen gemeenten en aanbieders, maar het komt ook voor dat aanbieders zelf deze vorm van verantwoording aan onderaannemers en hun werknemers opleggen. De reden hierachter is dat gemeenten en aanbieders en detail grip willen krijgen op de kosten.
Verantwoording slaat door
De vier betrokken partijen vinden dat deze vorm van verantwoording doorslaat, omdat er te veel tijd en geld op gaat aan de administratief handelen. Minister Hugo de Jonge: “Gezond verstand verliest het te vaak van gestold wantrouwen. En daarmee help je niemand verder: de zorgprofessionals niet, maar zeker ook de jongeren niet. Door het tijdschrijven te schrappen, komen tijd en middelen weer terecht waar ze bedoeld zijn: bij de jongeren zelf.”
(Ont)regel de zorg
De administratieve lasten zijn veel professionals in de zorg een doorn in het oog. Met het programma (Ont)Regel de Zorg wil het kabinet samen met gemeenten en zorgaanbieders daarom zorgen voor minder papier, zodat er meer tijd overblijft voor zorg en ondersteuning. In het land worden daarvoor verschillende regelschrapsessies georganiseerd. Om ook daadwerkelijk te stoppen met de uitwassen van tijdschrijven, zijn afspraken gemaakt tijdens een schrapsessie in Rotterdam, onder leiding van de speciaal adviseur administratieve lasten Rita Verdonk en in aanwezigheid van minister De Jonge. De partijen komen uiterlijk begin maart met een concreet plan.
Rijker Verantwoorden
Rijker Verantwoorden is een methodiek die door RONT Management Consultants is ontwikkeld in samenwerking met de Politieacademie in opdracht van de Politie. Rijker Verantwoorden kan helpen bij het mobiliseren van stakeholders, het gezamenlijk leren uit ervaringen, het realiseren van breed gedragen oplossingen en het legitimeren van de gehanteerde aanpak. Verantwoording dient op deze manier als middel om te laten zien waaraan wordt gewerkt, hoe dit wordt aangepakt, welk breder doel dit dient en welke effecten en (neven)resultaten hieruit voortkomen.
Rijker Verantwoorden kan worden gebruikt om van binnen naar buiten te werken. We kiezen het perspectief van ‘veel professionals’ die samen betekenis geven aan hun werk en vandaaruit verantwoording afleggen aan veel bestuurders. Maar omgekeerde perspectieven zijn ook noodzakelijk. Er is het perspectief van ‘veel bestuurders’ die vanuit verschillende invalshoeken en vanuit de bevoegdheden van verschillende wetten en organisaties een samenhangend beleid moeten maken. En het perspectief van ‘veel managers’ die in de praktijk keuzen maken in de aansturing en prioritering van het werk. Verantwoording werkt als de informatie die wordt gedeeld (1) betekenisvol is vanuit het perspectief van politiek, management en professionals, (2) als die informatie op een structurele manier wordt gedeeld en (3) als de besturing van de organisatie zo is ingericht dat die informatie daadwerkelijk wordt gebruikt. Het doel van de beweging van rijker verantwoorden is om aansluiting te maken met alle niveaus. En een betekenisvolle dialoog tot stand te brengen die vanuit politiek, management en professionals betekenisvol en werkbaar is.
Aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit
Illegale hennepkwekerijen, vastgoedcriminaliteit, mensenhandel, witwaspraktijken… Criminelen verplaatsen zich van de onder- naar de bovenwereld. Ze gebruiken plaatselijke infrastructuren en faciliteiten. Het overgrote deel van de gemeenten in Nederland ondervindt schade van georganiseerde criminaliteit, waarbij de integriteit van de samenleving in het geding is en waarbij de directe leefomgeving van bewoners wordt bedreigd.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en spreker op de managementbijeenkomst ondermijning.
In Nederland werken gemeenten, politie, Openbaar Ministerie, het Regionaal Informatie en Expertise Centrum en de belastingdienst samen aan de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit. Dergelijke complexe veiligheidsproblematiek vraagt om een multidisciplinaire samenwerking waarbij betrokken stakeholders samenwerken en gezamenlijk tot een doeltreffende aanpak komen. Samenwerking en communicatie met stakeholders vormen hierdoor een steeds belangrijker onderdeel van de aanpak van georganiseerde ondermijnende criminaliteit.
Voortgang en resultaten
Over de voortgang en (verwachte) resultaten van de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit moet horizontale en verticale verantwoording worden afgelegd aan betrokken stakeholders. Maar hoe leg je verantwoording af aan stakeholders (publiek, collega’s, partners, bestuur of financiers)? Doe je dat vooral met cijfers? Of weet je een rijker beeld neer te zetten? Hoe kun je met verantwoorden echt laten zien waar je mee bezig bent? Hoe je uitdagingen aanpakt en welke resultaten en effecten daaruit voortkomen?
Rijker Verantwoorden
Rijker Verantwoorden is een instrument dat door RONT Management Consultants is ontwikkeld in samenwerking met de Politieacademie in opdracht van de Politie. Rijker Verantwoorden kan helpen bij het mobiliseren van stakeholders, het gezamenlijk leren uit ervaringen, het realiseren van breed gedragen oplossingen en het legitimeren van de gehanteerde aanpak van georganiseerde, ondermijnende criminaliteit. Het creëren van draagvlak onder stakeholders is essentieel om de aanpak te laten slagen. Inmiddels gebruikt het merendeel van de Regionale Informatie en Expertise Centra de methodiek Rijker Verantwoorden bij de vormgeving en verantwoording van hun aanpak van georganiseerde, ondermijnende criminaliteit richting stakeholders.
Managementbijeenkomst ondermijning
Op 13 februari 2020 vindt de managementbijeenkomst ondermijning plaats waar bestuurders en managers werkzaam bij gemeenten, politie, Openbaar Ministerie, Regionaal Informatie en Expertise Centra, Omgevingsdienst en belastingdienst samenkomen om kennis en ervaringen uit te wisselen over de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit. Op de managementbijeenkomst ondermijning wordt door RONT Management Consultants een bijdrage geleverd over Rijker Verantwoorden bij de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit.
Zichtbaar maken wat je doet en gaat doen
De aanpak van complexe veiligheidsproblematiek zoals ondermijnende georganiseerde criminaliteit vraagt om het onderhouden van de relatie met tal van stakeholders. Kort samengevat gaat het om publiek, politiek, partners en de eigen organisatie. In al die relaties is het van belang om zichtbaar te maken wat je doet en daaraan ook betekenis te geven. Verantwoording begint lang voor het moment dat eindresultaten en effecten zichtbaar worden. Het begint door zichtbaar te maken wat de beoogde ontwikkelingen zijn. Op welke acties wil je aanspreekbaar zijn? Waarvoor ga je je inzetten? Welke doelen wil je halen, welke plannen ontwikkelen, welke procedures volgen of uitwerken? Verantwoordelijkheid dragen betekent zichtbaar maken wat je zult doen. En hoe. Tijdens en na het proces betekent verantwoording dragen dat je daadwerkelijk inzichtelijk maakt dat je het aan het doen bent. Dat je voorgenomen acties realiseert, dat het leerproces gaande is of dat kansen die zich aandienen worden gepakt. Het is tonen wat er gaande is en aantonen dat het bijdraagt aan de beoogde ontwikkeling. Op deze manier worden betrokken stakeholders geënthousiasmeerd om zich te blijven inzetten voor de aanpak van ondermijnende georganiseerde criminaliteit en de beoogde resultaten met elkaar te realiseren.
Aanpak van overlast start ook in noorden van het land
In Groningen, Friesland en Drenthe is begonnen met de zogeheten de Top X-aanpak. Deze werkwijze komt neer op het individueel aanpakken van overlastgevende asielzoekers, onder leiding van de ketenmariniers van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Dit gebeurt om de hinder voor omwonenden, ondernemers en medewerkers in de asielketen terug te dringen.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en docent op de training casus en procesregie op zorg en veiligheid.
Een relatief kleine groep asielzoekers zorgt op sommige plekken in Nederland voor overlast en criminaliteit in en om asielzoekerscentra. Dit is onaanvaardbaar, vindt staatssecretaris Broekers-Knol van Justitie en Veiligheid, niet alleen omdat mensen hier veel last van hebben, maar ook omdat hierdoor het draagvlak wordt aangetast voor asielzoekers die bescherming nodig hebben. De aanpak van overlast is dan ook prioriteit.
Zero tolerance
In de provincies Groningen, Friesland en Drenthe zijn circa 80 overlastgevers op de Top X-lijst geplaatst. Zij krijgen een ‘maatwerkbehandeling’, zegt ketenmarinier Henk Wolthof. “We zitten de overlastgevers op de huid, en er geldt een zero tolerance-beleid. De overlastgevers krijgen bijvoorbeeld een gebiedsverbod, er worden vrijheidsbeperkende maatregelen genomen, we doen aangifte en zetten ze zo vaak als mogelijk in op versneld vertrek uit Nederland. Zo willen we de overlast in en buiten de centra terugdringen.”
Samenwerking
De ketenmariniers pakken de overlast niet in hun eentje aan. Ze trekken intensief op met de verschillende organisaties die betrokken zijn bij de opvang van asielzoekers. Het gaat onder meer om gemeenten, politie, Openbaar Ministerie, de IND, het COA en de Dienst Terugkeer en Vertrek. “De sleutel tot succes bij deze aanpak is samenwerking”, zegt Henk Wolthof.
Top X-lijst
De ketenmariniers werken nu enkele maanden met de landelijke Top X-lijst, waar zo’n 300 overlastgevende asielzoekers op staan. De aanpak is eerst geïntroduceerd in Ter Apel en Cranendonck. Na goede ervaringen daar zijn de ketenmariniers ook elders aan de slag gegaan. Voorbeelden zijn Harderwijk en Maarheeze, waar de samenwerking met de gemeente, het COA, de politie, het Openbaar Ministerie en lokale ondernemers vruchten afwerpt. Vanaf mei wordt landelijk met de aanpak gewerkt.
Casusregie
Casusregie is de sturing op de gezamenlijke aanpak in een specifieke casus. Een casusregisseur fungeert als centrale professional en als vast aanspreekpunt voor de betrokkene. Hij zorgt voor coördinatie van de uitvoering van een gezamenlijk afgesproken aanpak en schakelt waar nodig andere partijen in. Als de casus vastloopt rapporteert de casusregisseur aan de procesregisseur en vraagt een nieuwe bespreking in het casusoverleg aan.
Kabinet versterkt onafhankelijke positie gerechtsdeurwaarders
Om gerechtsdeurwaarders op een onafhankelijke en onpartijdige wijze hun ambtelijke werk te kunnen laten doen, past het kabinet de vaste tarieven daarvoor aan conform het advies van de commissie-Oskam. Ook gaat het kabinet paal en perk stellen aan de mogelijkheid om prijsafspraken met schuldeisers te maken in de vorm van zogenoemde kickbackfees, waarbij de schuldeiser kan verdienen aan de ambtshandelingen die de gerechtsdeurwaarder verricht. Dat schrijft minister Dekker (Rechtsbescherming) aan de Tweede Kamer in de kabinetsreactie op het rapport van de commissie-Oskam over tarieven en marktwerking voor deurwaarders.
Frank van Summeren, adviseur veiligheid bij RONT Management Consultants en hoofddocent op de opleiding Integraal toezichthouder handhaving.
Minister Dekker: “Voor een eerlijke en rechtvaardige samenleving hebben we gerechtsdeurwaarders nodig die op een onafhankelijke en onpartijdige wijze hun werk doen. Gerechtsdeurwaarders zorgen er bijvoorbeeld voor dat een vonnis van een rechter goed wordt uitgevoerd. Om die positie te waarborgen passen we de tarieven voor ambtshandelingen aan en leggen we de mogelijkheid voor zogenoemde kickbackfees aan banden. Dat vergroot de onafhankelijkheid ten opzichte van schuldeisers en verkleint de kans op benadeling van mensen met schulden.”
Aanpassing tarieven
De commissie-Oskam stelt een aanpassing van de tarieven voor, op basis van onderzoek naar de kosten van zogenoemde ambtshandelingen van gerechtsdeurwaarders, zoals het beslag leggen op spullen. Het kabinet neemt deze aanbeveling over, omdat gerechtsdeurwaarders een redelijke vergoeding moeten kunnen ontvangen voor hun ambtelijke werk. Deze aanpassing draagt daar aan bij. Met een redelijke vergoeding kan de gerechtsdeurwaarder zijn werk op een maatschappelijk verantwoorde manier en in onafhankelijkheid doen.
Voorkomen kickbackfees
Afspraken tussen gerechtsdeurwaarders en hun opdrachtgevers (schuldeisers) horen bij marktwerking. Dat veranderen we niet. Voorkomen moet wel worden dat er in de afspraken tussen gerechtsdeurwaarder en opdrachtgever ongewenste prikkels zitten, bijvoorbeeld om meer ambtshandelingen te verrichten dan strikt noodzakelijk. Afspraken waarbij de opdrachtgever verdient aan de ambtshandelingen die de gerechtsdeurwaarder verricht zijn ongewenst. Dergelijke ‘kickbackfees’ gaan ten koste van de onafhankelijke positie van de deurwaarder. Het kabinet koppelt daarom de gewenste aanpassing van tarieven aan een beperking in het maken van prijsafspraken, waaronder de kickbackfees. De tarieven worden slechts aangepast als ook de voorgestelde beperking in het maken van dit type prijsafspraken is gerealiseerd.



